Ben of heb? Wanneer je 'zijn' gebruikt in het perfectum
"Ik heb naar Utrecht gegaan." Bijna elke student zegt het een keer, en het klinkt bijna goed. Bijna. In het Nederlands krijgen sommige werkwoorden in het perfectum niet hebben maar zijn. De regel is korter dan je denkt.
De regel
Van A naar B? Dan zijn.beweging met een bestemming
Ik ben naar Utrecht gegaan.van hier naar Utrecht
Ze is om acht uur thuisgekomen.van buiten naar huis
Ik heb een uur gewandeld.geen bestemming, dus hebben
Let op het verschil tussen de laatste twee zinnen. Thuiskomen heeft een eindpunt: je bent ergens anders dan eerst. Wandelen heeft dat niet, ook al beweeg je een uur lang. Daarom: ik ben thuisgekomen, maar ik heb gewandeld.
Even proberen
Kies het goede hulpwerkwoord. Je ziet meteen of het klopt.
Gisteren ___ ik met de trein naar Utrecht gegaan.
Wij ___ de hele avond gepraat.
Typ het hulpwerkwoord
Vul ben, is, heb of hebben in.
Mijn collega vorig jaar naar Rotterdam verhuisd.
Ik een uur in het park gewandeld.
Nu het lastige deel. Als de zin met een tijd begint, verhuist het hulpwerkwoord naar de tweede plek en komt ik erachter. Dat is de inversie, en juist in een zin met zijn gaat die vaak mis.
Zet de zin in de goede volgorde
Klik de woorden in de volgorde van de zin. Klik een woord in de zin om het terug te zetten.
Luister en typ
Luister zo vaak als je wilt en typ de zin die je hoort.
0 van 6 goed0 van 6 gedaan
In een les doe je er twaalf per uur, samen met je docent, en zie je waar het misgaat.
Zo ziet een Braials-les eruit. Dit zijn dezelfde blokken als in een echte les. Wil je weten op welk niveau je zit?
Reacties
Nog geen reacties. Schrijf de eerste!